Toevallige
ontmoeting, deel IX
21 september 2008
Wanneer ik de borden, bestek en schalen naar de keuken breng en in
de vaatwasser mik, loopt Dirkje naar mijn CD kast. ‘Is het goed
als ik iets ander opzet,’ vraagt ze me.
‘Ja hoor. Maak uw keuze en verras me, voor zover dat mogelijk
is.’
‘Voor zover dat mogelijk is? Denk jij dan al te weten wat ik
ga verkiezen?’
"Nee, maar ik weet wat ik aan CD’s heb, dus in die zin
is het onmogelijk om mij te verassen, omdat het 1 van mijn CD’s
zal zijn.’
Een kort hmm, kan ik nog net horen in de keuken. Wanneer ik met 2
verse glazen wijn de huiskamer binnen treed, hoor ik de eerste klanken
van Wolfgang Amadeus Mozart’s opera, Cosi Fan Tutte. ‘Hmmm,’
is het nu aan mij, ‘toch een kleine verassing moet ik zeggen.’
‘Beoordeel een vrouw nooit op haar decolleté,’
is haar lachende antwoord. De zon is inmiddels ondergegaan en daarmee
creëren de kaarsen en Mozart een extra dimensie aan ons samenzijn.
We genieten dan ook samen na van de maaltijd, de sfeer en van elkander
in een non-verbaal moment. Dirkje heeft haar pumps uitgeschopt, haar
voeten op de bank geposteerd en haar lichaam schuin tegen het mijne.
Hiermee een vacuüm creërend tussen de rest van de wereld
en ons eigen wereldje van dat moment. We genieten intens van ons samenzijn
en dan zijn woorden overbodig en soms zelfs teveel.
Na enige tijd, maakt ze haar hoofd los van mijn schouder om haar lippen
in mijn nek te plaatsen middels kleine liefdevolle kusjes. Ik laat
haar begaan en geef de regie over. Dan plaatst ze haar hand op mijn
wang om mijn mond richting de hare te dirigeren. Ditmaal is het geen
spel van de lippen, maar echt hartstochtelijk zoenen. Onze monden
en tongen verstrengelen in elkander in een teder liefdesspel. De lucht
bezwangerd zichzelf met onze gevoelens van het opgaan in elkaar. Dan
maakt ze zich van mij los en vraagt me waar ze de badkamer kan vinden,
die ik haar vervolgens wijs. Ik vraag me af of het een vrouwendingetje
is en ze zich weer even moet bij poederen, hoewel ik dat niet echt
bij haar vindt passen. Na een goede vijf minuten gaat de deur weer
open, en in het schemer van het kaarslicht stapt een naakte Dirkje
de kamer weer binnen. Heel even beneemt ze mij de adem en laat mijn
hart enkele slagen missen. Zo moet Aphrodite eruit hebben gezien,
klinkt er in mijn hersenen. Voor me staat een vrouw in al haar perfectie.
De lengte van haar benen, de rondingen van haar heupen, het platte
buikje, haar volle, maar niet overdreven grote borsten, haar armen
en schouders die vloeiend overgaan in haar nek. Het kan allemaal niet
beter geproportioneerd zijn. Wat een godin. Ze blijft 2 passen buiten
de deur staan en draait zich langzaam om alsof ze me ook nog even
van de perfecte bilpartij en rug wil laten genieten. En weer mist
mijn hart enkele slagen. Ditmaal van verbazing. In het schemer van
het kaarslicht zie ik vanaf haar enkel een getatoeëerde rozenstreng
haar weg vinden via haar kuiten naar haar dijen. Via haar heup verder
kronkelen langs haar rug, om tot rust te komen op haar schouder. Hoewel
overtuigd atheïst, kan ik alleen maar uitbrengen, ‘Mijn
God.’ Cupido schiet gelijktijdig zijn pijl in mijn hart, en
mijn lichaam wordt overgenomen door intense liefde voor Dirkje.
Haar hand gaat naar boven en trekt de haarpin uit haar knotje. En
daar waar ik dacht dat het geheel niet perfecter kon worden, vallen
haar lange zwarte haren tot net boven haar billen. Ik ben dronken
van liefde en weet dat ik volledig de hare ben. Ze kan met me doen
wat ze wil en het zal goed zijn. Ze draait zich weer om en loopt langzaam
op mij toe als een volleerd mannequin. De ene voet netjes voor de
ander plaatsend in dezelfde lijn. Ze buigt zich voorover om mij wederom
teder te kussen. Het spel moet niet overhaast worden, maar langzaam
worden opgebouwd. En Dirkje verstaat die kunst tot in perfectie. Tergend
langzaam wordt ik van mijn kleding ontdaan. En pas dan wanneer ik
volledig naakt ben sta ik me toe om met haar lichaam spelen. Ik streel
haar nek, heupen en borsten waar haar nagels teder spelen met mijn
rug. Ze begint bovenin mijn bilnaad en krast zich lichtjes een weg
via mijn ruggengraat naar mijn nek. Het bezorgt me rillingen van puur
genot. ‘Wie ben jij,’ vraag ik me af. ‘De vleesgeworden
liefde?’ Haar ogen lijken mij te kennen te geven zij dat inderdaad
is. Het is pure liefde wat ik erin lees. Overgave, zuiverheid, onvoorwaardelijk,
het staat allemaal in haar ogen geschreven.
Dirkje staat langzaam op, neemt me bij de hand en geleid me naar de
slaapkamer. Het zou die nacht worden waar Guus Meeuwis over heeft
gezongen en die deze nacht dan nog tekort zou doen. We geven ons over
aan elkaar voor ettelijke uren, alvorens van vermoeidheid in elkanders
armen in slaap te vallen.
Wordt vervolgd
Home